De geplande meerwaardebelasting zet familiebedrijven onder druk, en dat heeft alles te maken met hoe ze hun eigendomsstructuur traditioneel organiseren. De federatie FBN trok eerder dit jaar aan de alarmbel bij de Kamercommissie Financiën.
Een populair instrument onder druk
Veel familiale ondernemingen maken gebruik van de maatschap als overdrachtsvehikel. Via deze constructie kunnen ouders hun aandelen schenken aan de kinderen, terwijl ze zelf de touwtjes in handen houden. De kinderen worden economisch deelgerechtigd, de ouders behouden de zeggenschap. Fiscaal is de maatschap transparant: inkomsten worden belast bij de individuele vennoten.
Precies die structuur dreigt nu onbedoeld in het vizier te komen van de nieuwe vermogenswinstbelasting.
Technische ruil, reële belasting
Het knelpunt situeert zich op het moment waarop de maatschap wordt ontbonden of wanneer de vennoten uit onverdeeldheid treden. Zolang aandelen gemeenschappelijk worden aangehouden, heeft elk kind een fractioneel aandeel in elk effect. Zodra die onverdeeldheid wordt opgeheven en elk kind zijn eigen pakket krijgt toebedeeld, beschouwt de fiscus dit technisch als een ruil — en dus als een belastbaar moment, ook al veranderen de onderlinge verhoudingen niet.
Het wetsvoorstel voorziet wel in een vrijstelling bij onverdeeldheid na overlijden of echtscheiding, maar een gelijkaardige uitzondering na schenking ontbreekt vooralsnog.
Liquiditeitsprobleem voor groeibedrijven
Voor snel groeiende familiebedrijven kan de opgebouwde meerwaarde over de jaren aanzienlijk zijn. De belasting betalen op het moment van structuurwijziging — zonder dat er effectief vermogen vrijkomt — is voor veel families financieel niet haalbaar. Het gevolg: gedwongen verkoop van activa of het onttrekken van middelen aan de operationele werking van het bedrijf, wat de bedrijfscontinuïteit in gevaar brengt.
Ruimer dan schenking alleen
Het probleem beperkt zich niet tot schenkingsconstructies. Ook wie samen met een andere persoon een maatschap opricht en er bijvoorbeeld een beleggingsportefeuille in inbrengt, kan bij ontbinding worden geconfronteerd met een belastbare meerwaarde — zelfs als hij gewoon zijn eigen inbreng terugneemt.
Bovendien geldt de vrijstelling bij inbreng enkel voor aandelen. Wie obligaties of gemengde portefeuilles inbrengt, wordt al bij de instap belast op latente meerwaarden.
Minister van Financiën Jan Jambon gaf aan dat de belasting vermijdbaar is zolang de eigendomsverhoudingen binnen de maatschap ongewijzigd blijven, maar dat biedt weinig soelaas voor families die hun structuur op termijn willen vereenvoudigen of overdragen.
TAKEAWAY
De nieuwe meerwaardebelasting treft familiebedrijven op een moment waarop er geen echte overdracht of winst plaatsvindt. Wanneer een maatschap wordt ontbonden of vennoten uit onverdeeldheid treden, beschouwt de fiscus dit als een belastbaar moment — ook al blijven de aandelen binnen dezelfde familie en realiseert niemand effectief iets. Het probleem is dus niet de belasting op winst bij verkoop, maar de onbedoelde toepassing ervan op puur administratieve of structurele bewegingen binnen een familiepatrimonium.
